Of we het al weten.

Standaard

Het is een vroege herfstdag als ik naar de slager ga voor een kilo rundergehakt. “En weten jullie het al?” vraagt de immer goedgemutste verkoopster. Ik ben even verward en denk dat ze doelt op Anna en mezelf, terwijl we op onze beurt staan te wachten. Maar nog voor ik twee ons Maya-de-Bij-worst en mijn gehakt wil bestellen, zie ik aan haar blik dat ze me herkent.

Ik ben -sinds ons minder-vlees-eten-regime- al een aantal weken niet meer geweest, maar een kort babbeltje over onze semi-emigratie een paar weken terug heeft meer indruk gemaakt dan ik dacht. “Nou, eigenlijk nog niet,” zeg ik herstellende van mijn verbazing. Ik bedenk me hoe leuk ik het wel niet vind dat ze blijkbaar nog weet wie ik ben en steek mijn gebruikelijke ‘We-willen-wel-maar-het-is-zo-ver-verhaal’ af, want zo is het. En ze knikt begrijpend. De meeste mensen snappen wel dat emigreren een tikkeltje meer gevolgen heeft dan wanneer je je camping voor de zomervakantie voor volgend jaar kiest. Zeker als het de andere kant van de wereld betreft.

Anderzijds gebeuren er hier ook dingen. De man is in zijn muziek gedoken. We hebben kippen aangeschaft. Ik werk aan een boek. Louie gaat weer naar school. ik ben daardoor veel alleen met Anna, mijn kleine stuiterpeuter die dan weer niet kan wachten om naar school te gaan, terwijl ik haar broer er de eerste weken nog net niet heen moest sleuren. Zo kon het gebeuren dat ik op de speelplaats stond met twee hevig huilende kinderen aan mijn been: de een wilde niet naar binnen, de ander wilde niet weg.
Tegenwoordig gaat het beter, Louie heeft een ‘beste vriend’ en wanneer hij die naar het lokaal ziet vertrekken drentelt hij er achteraan, zijn moeder opeens compleet vergeten, zijn zus in onbegrip achterlatend. Dan gaan Anna en ik naar huis, en volgt haar persoonlijke entertainment. Waar broerlief urenlang met zijn treintjes op de grond kan liggen en zichzelf eigenlijk al sinds zijn babytijd kan vermaken, is zus er een van het soort dat je graag bij haar spel betrekt. Het is een eindeloos “Mammakommiskijke” “Mammajijmeedoen” of “Mammaikgawegge!” om dan achter de deur te gaan staan, en te wachten of je wel kijkt. Want ze gaat ‘boodschappen doen’: ze morrelt wat met een klein tasje en het doosje oude munten. Dat soort dingen.’S ochtends drinkt ze graag een ‘koppie’ (gestoomde melk met een theelepel koffie en gekleurde sprinkles).
Schoonmaken of koken: erg lief dat ze wil helpen, maar niet als ze met de kraan vol open ook de rest van je aanrecht wil ‘afwassen’ of haar handjes steeds vervaarlijk dicht in de buurt van de kookplaat komen.Je kunt geen koekje ongezien in je mond stoppen want mevrouw heeft het gezien en wil ook. Naar de bakker gaan we niet voor brood maar voor het snoepje dat zíj krijgt. Op woensdag gaan we olijven en noten snaaien op de markt die voor dat doel staan uitgestald bij de delicatessenkraam.
In de supermarkt is ze all over the place, ze wil helpen, ze wil een karretje, ze wil díe koekjes, ze wil dingen op de band leggen en ze wil vooral ondersteboven aan het afscheidingspoortje van de kassa hangen. Ik gok dat ze een talent voor turnen gaat hebben, mijn man is ervan overtuigd dat ze atleet wordt en mijn schoonmoeder hoopt dat ze biatlon – haar favoriete wintersport op tv- gaat doen. Wij staan met zweethanden in de speeltuin wanneer we weer eens tot bovenin het klimrek is geklommen en vragen ons af of ze wel een goeie beschermengel heeft, gezien het feit dat ze soms wel tot drie keer per dag ergens vanaf kukelt (vaak haar eetstoel) omdat ze nooit stilzit of niet helemaal oplet. ‘Goh, wat is ze hard veranderd’ zeggen mensen die we kennen en al een tijdje niet gezien hebben steeds en zo is het.
Het is nu een jaar geleden dat we vertrokken naar de andere kant van de wereld, met een peuter en een kale anderhalfjarige. We zijn er best weemoedig van. Het is ook niet zo dat emigreren een doel op zich is en dat het dus eender welk land kan zijn (al denken we na over alternatieven, zoals Noorwegen, voor die biatlon). Voor nu hebben we familie en vrienden die erg blij zijn dat we in de buurt zijn -dat te beseffen doet ook goed-, en verder zien we wel.  Het is een soort van dilemma: het leven daar, de mensen van wie we houden hier, maar uiteindelijk, hoe of waar dan ook, vinden we onze draai wel.  Het is niet alsof de rest van het leven nu gedefinieerd is.  Zoals ik laatst ergens las: “The point of living is not to resign yourself to one part of life, but to continually redefine yourself.”  Een geruststellende gedachte.

IMG_3018

Advertenties

Over carolinelikescoffee

37-jarige, dromerige en chaotische, koffie- en rodewijndrinkende,rotan-en poep-op-de-stoep hatende liefhebber van comfortfood, singer-songwriter- en klassieke muziek maar ook een goede johnnenbeat op zijn tijd, die guilty pleasures vindt in candlelight romans en roddelboekjes ,als reservebelg per ongeluk in Antwerpen belandde maar wel van nieuwe plekken ontdekken houdt, vindt dat ze nodig weer aan yoga moet doen en ooit het paardrijden weer wil oppakken, uit nood maar is gaan fietsen en lopen, de deugden van het internetshoppen heeft ontdekt maar ook graag boetieks binnenloopt, of boekenwinkels, echtgenote van haar allerliefste, moeder van een zoon van vijf en een dochter van drie-my pride and joy- schrijver; eerst mijn beroep, en nog steeds iets dat bij me hoort.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s